Leren
Wiskunde
Getallenkennis
Natuurlijke en gehele getallen, kommagetallen, breuken, procenten, deelbaarheid.
Natuurlijke getallen en het plaatswaardesysteem
Cijfer en getal, functies van getallen, de positietabel tot 10 miljard, getallen lezen en schrijven, splitsen en herstructureren, vergelijken en ordenen, patronen en andere talstelsels.
Gehele getallen en negatieve getallen
De uitbreiding van de getallenas met negatieve getallen, negatieve getallen lezen in contexten, gehele getallen vergelijken en ordenen, en de afstand tussen twee getallen bepalen.
Kommagetallen
Kommagetallen als uitbreiding van het plaatswaardesysteem met tienden, honderdsten en duizendsten; lezen, splitsen, vergelijken, ordenen, op de getallenas plaatsen en de parate verbanden met breuken.
Breuken
De betekenissen van een breuk, soorten breuken, gelijkwaardige breuken, vereenvoudigen, gelijknamig maken, breuken vergelijken en ordenen, en deel, geheel en breuk zoeken.
Procenten en verhoudingen
Een procent als breuk met noemer 100, omzetten tussen breuk, kommagetal en procent, verhoudingen en de verhoudingstabel, en het verschil tussen een relatieve en een absolute vergelijking.
Deelbaarheid, priemgetallen, ggd en kgv
Delers en veelvouden, de kenmerken van deelbaarheid en het bepalen van de rest, priemgetallen en samengestelde getallen, ontbinden in priemfactoren, en de grootste gemeenschappelijke deler en het kleinste gemeenschappelijk veelvoud.
Bewerkingen
Eigenschappen, volgorde van bewerkingen, hoofdrekenen, cijferen, schatten, rekenen met breuken en procenten.
De vier hoofdbewerkingen: betekenis, termen en relaties
Wat optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen betekenen in situaties, de vaktermen voor elk onderdeel van een bewerking, het verband D = d × q + r, en de relaties tussen de bewerkingen.
Eigenschappen van bewerkingen, volgorde van bewerkingen en het gelijkheidsteken
Commutativiteit, associativiteit, distributiviteit, neutraal en opslorpend element, de constante som, het constante verschil, product en quotiënt, de volgorde van bewerkingen met haakjes, en het correct gebruik van het gelijkheidsteken.
Hoofdrekenen, standaardprocedures en handig rekenen
De standaardprocedures voor natuurlijke getallen en kommagetallen, en handig rekenen met aanvullen, compenseren, eigenschappen, factoren ontbinden en vaste werkwijzen voor vermenigvuldigen met en delen door machten van tien, 0,1 en 0,5, en door 4, 5, 8, 25 en 50.
Cijferen met natuurlijke getallen en kommagetallen
Cijferend optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen, met natuurlijke getallen en kommagetallen, inclusief de plaats van de komma, de staartdeling met rest en het verder delen na de komma.
Afronden, schattend rekenen, de rekenmachine en controleren
Afrondingsregels voor natuurlijke getallen, kommagetallen en procenten, afronden in context, schattend rekenen en grootteordes, doelmatig een digitale rekentool gebruiken, en controlestrategieën zoals de omgekeerde bewerking en de negenproef.
Bewerkingen met breuken
Gelijknamige en ongelijknamige breuken optellen en aftrekken, een breuk van een getal nemen, vermenigvuldigen en delen met breuken, de schematische voorstellingen en de drie basisregels.
Rekenen met procenten
Een procent van een getal nemen, berekenen hoeveel procent iets is, het geheel zoeken, toename en afname met een vermenigvuldigingsfactor, korting en btw, en de valkuilen bij het optellen van percentages.
Meten en metend rekenen
Lengte, oppervlakte, inhoud, massa, geld, tijd, temperatuur, hoeken, schaal en snelheid.
Meten en het metriek stelsel
Wat meten is, maat, maatgetal en maateenheid, het SI en de voorvoegsels, lengtematen en oppervlaktematen herleiden (met are en hectare), notatie, schatten en indirect meten.
Omtrek en oppervlakte van vlakke figuren
Omtrek van veelhoeken en van de cirkel met pi, en de oppervlakteformules van vierkant, rechthoek, parallellogram, driehoek, ruit, trapezium, regelmatige veelhoek en cirkel, telkens afgeleid door omstructureren.
Inhoud en volume
Het verschil tussen inhoud en volume, inhoudsmaten en volumematen herleiden, het verband 1 l = 1 dm³, en de formules voor volume en oppervlakte van kubus, balk en cilinder.
Massa
Massa en gewicht, de massamaten van ton tot milligram herleiden, het verband tussen inhoud, volume en massa van water, en brutomassa, nettomassa en tarra.
Geld en prijsberekeningen
Euromunten en eurobiljetten, notatie van bedragen, betalen en teruggeven, en de begrippen inkoopprijs, verkoopprijs, winst, verlies, korting en enkelvoudige interest met procenten.
Tijdstip, tijdsduur en temperatuur
Klok lezen en tijd noteren, rekenen met uren, minuten en seconden, de kalender en het schrikkeljaar, trimester tot millennium, een jaartal in een eeuw situeren, en temperatuur in graden Celsius met temperatuurverschillen.
Samengestelde grootheden, schaal en snelheid
Schaal als verhouding tussen getekende en werkelijke afstand (breukschaal en lijnschaal), en snelheid als afstand per tijdseenheid in km/h en m/s, met de verhoudingstabel als hulpmiddel.
Hoeken en hoekgrootte
Wat een hoek is, de graad als maateenheid, soorten hoeken, hoeken meten en tekenen met de geodriehoek, overstaande hoeken en de som van de hoeken in een driehoek en een vierhoek.
Meetkunde
Vlakke figuren, ruimtefiguren, plaatsbepaling, transformaties, meetkundige relaties en logica.
Basisbegrippen, driehoeken, veelhoeken en de cirkel
Punt, rechte, halfrechte, lijnstuk en hun notaties, evenwijdige, loodrechte en snijdende rechten, definities en eigenschappen, driehoeken indelen naar zijden en hoeken, veelhoeken, diagonalen en de cirkel tekenen met de passer.
Vierhoeken indelen
Trapezium, parallellogram, rechthoek, ruit, vierkant en vlieger met hun definities en eigenschappen van zijden, hoeken, diagonalen en symmetrieassen, en de indeling van vierhoeken in een hiërarchie.
Ruimtefiguren en ontvouwingen
Veelvlakken (kubus, balk, prisma, piramide) en lichamen met een gebogen oppervlak (cilinder, kegel, bol), de begrippen zijvlak, grondvlak, ribbe en hoekpunt, en juiste en foute ontvouwingen van kubus, balk en cilinder.
Plaatsbepaling, aanzichten en kijklijnen
Een plaats aanduiden met roostercoördinaten (D5) en met puntcoördinaten in een assenstelsel ((3,4)), vooraanzicht, zijaanzicht, bovenaanzicht en grondplan van blokkenbouwsels, en kijklijnen om de plaats van een waarnemer te bepalen.
Transformaties, symmetrie, congruentie en gelijkvormigheid
Verschuiving, draaiing en spiegeling, spiegelen om een spiegelas op roosterpapier, symmetrie en symmetrieassen, congruente en gelijkvormige figuren, vergroten en verkleinen met een vaste verhouding, en meetkundige patronen.
Logica en verzamelingen
Verzameling, element en deelverzameling, het venndiagram met doorsnede en vereniging, de logische woorden en, of, niet, alle, sommige, geen, juist één, ten minste en ten hoogste, als-dan-uitspraken, tegenvoorbeelden en classificeren volgens meerdere criteria.
Kansrekenen en statistiek
Gegevens verwerken en voorstellen, gemiddelde, mediaan, modus en kans.
Tabellen, grafieken en centrummaten
Gegevens ordenen in tabellen, beelddiagram, staafdiagram, lijngrafiek en cirkeldiagram lezen en opstellen, grafieken met twee grootheden, en gemiddelde, mediaan, modus en spreidingsbreedte berekenen en interpreteren.
Kansrekenen
Uitkomsten en gunstige uitkomsten, kans als verhouding, als breuk en als procent, de schaal van onmogelijk tot zeker, en kansen berekenen bij munt, dobbelsteen, knikkers en draaischijven.
Vraagstukken en probleemoplossend denken
Strategieën en het stappenplan om vraagstukken op te lossen.